share

Zhen Xu

 

° Shanghai, China 1977

leeft en werkt in Shanghai — China

 

Zhen Xu nam deel aan Coup de Ville 2013. Deze tekst verscheen in de catalogus.

 

Zhen Xu’s carrière ging van start in de jaren 1990 op het ogenblik dat de Chinese kunstscene en economie onmiskenbaar hun stempel op de wereld begonnen te drukken. Xu schuwt het niet om de heilige huisjes van de sociale conventies op de korrel te nemen. Evenmin spaart hij de kunstwereld, waardoor, bijvoorbeeld, sterkunstenaar Damien Hirst zijn mikpunt werd. Hij speelt in op de menselijke (over)gevoeligheid, de dramatisering van existentieel onbenullige gebeurtenissen om bij ontregelende of provocerende werken uit te komen. Zo verwerkt hij diverse sociopolitieke onderwerpen en taboes binnen de geglobaliseerde wereld – die hoe langer hoe meer door China vormgegeven wordt. ‘The starving of Sudan’, waarin hij de limieten van het voyeurisme, de fotojournalistiek en het gebrek aan ethiek in de geglobaliseerde wereld aankaart, vormt daar geen uitzondering op.

 

‘The starving of Sudan’ betreft een remake van een foto genomen door de Zuid-Afrikaanse Pulitzerprijswinnaar Kevin Carter uit 1993: in de schraalheid van de Soedanese woestijn wordt een achtergelaten peuter bedreigd door een kolossale gier. Ondanks de bekroning wekte dit beeld onnoemelijk veel wrevel op en wakkerde de discussie over de ethische normen binnen de fotojournalistiek aan. De fotograaf werd door de internationale media veroordeeld voor zijn amorele houding, waarbij de belustheid om een pakkend beeld te schieten, primeert op het bijstaan van iemand die in acute levensnood verkeert. Bedolven onder de massale kritiek pleegt Carter enkele maanden na het verkrijgen van zijn prijs zelfmoord. Xu herschept deze situatie in een galerie onder geconditioneerde, fake omstandigheden. Vijf uur per dag gedurende 21 dagen, verblijft een driejarig meisje uit het Chinese Guangzhou, afkomstig van Afrikaanse immigranten, in de geënsceneerde setting. Haar moeder ontvangt een financiële vergoeding en blijft in de buurt van haar kind en de opgezette gier. Een reeks van foto’s en een demystificerende video blijven van deze ‘performance’ over. Van een van de beelden werd een blow-up gemaakt voor Coup de Ville en in de publieke ruimte geplaatst. De locatie was vroeger een kinderkerkhof, toen kindersterfte in Europa nog een veelvoorkomende doodsoorzaak was. Niet alleen blijft Xu zich vastbijten in de problematiek van beeldconsumptie en voyeurisme, hij stelt zich tevens vragen over de Chinese economische ambities in Afrika, waar de rest van de wereld eveneens aan medeplichtig blijft.