Video



share

Bart Prinsen

 

° België 1969

leeft en werkt in Antwerpen — België

 

Bart Prinsen nam deel aan Coup de Ville 2016. Deze tekst verscheen in de catalogus.

 

Bart Prinsen interesseert zich voor onzichtbare en ongrijpbare systemen in het stadsweefsel. Tussenruimten, randgebieden, plaatsen in transitie en grenzen waar binnen en buiten zich met elkaar verbinden, fascineren hem. Hij speurt naar nagelaten sporen en hoe die voortleven in ons geheugen, of hij fantaseert over werelden die herinneren aan een vroeger bestaan. Zoals in vele steden treft hij in Sint-Niklaas zowel leegstand aan als plekken in metamorfose. Zijn bijdrage voor Coup de Ville realiseert hij in een voormalig bankfiliaal dat wacht op een nieuwe functie of invulling.

 

Prinsen ervaart dat het failliet of 'implosie' van een bank een grote invloed heeft op de omgeving en dat economische bedrijvigheid tal van andere facetten in de samenleving meesleept en dreigt op te slorpen. Dat fenomeen vertaalt Prinsen in een hellend vlak en hij baseert zich op het grondplan van het desbetreffende bankfiliaal. Het is een bewandelbare, scheve vloer doorheen de kantoren die een verschoven en verwrongen perspectief op de ruimte doet ontstaan. Elke herinnering of poging tot reconstructie van de werkelijkheid vervormt de realiteit onvermijdelijk: delen verdwijnen of worden uitvegroot. Er ontstaat letterlijk een gat in ons geheugen. Hij interpreteert het geheel als een fictief verdwijningsproces waarin de bank krimpt en wegzinkt. Symbolisch implodeert de omgeving tot een zwart gat. Op een plaats waar een bureau stond, realiseert hij een gekrompen exemplaar uit dunne ijzeren staven.

 

Doordat de financiële wereld hoe langer hoe meer functioneert met onzichtbare transacties, begrijpen we niet meer wat er met ons geld gebeurt. Via netwerkkabels die in het gat uitmonden, verwijst Prinsen naar die virtuele handelingen. Ook staalkabels die de ruimte doorkruisen vormen visuele sporen van verplaatsingen. Boven, in en rond het hellend vlak verbeelden die draden de verbinding met de urbane omgeving van deze locatie. Door dat spel van lijnen in de ruimte ontstaan transparante en driedimensionale tekeningen. Ook de trajecten van mensen die zich ooit van en naar de bank verplaatsten, maakt Prinsen zichtbaar met staalkabel. Hij redeneert dat eens een bepaald traject niet meer wordt afgelegd, het even duurt voordat een automatisme verandert en effectief vervaagt uit ons geheugen. In dit geval staat de werkomgeving leeg en ze verandert en verschuift, wachtend op een nieuwe functie terwijl de voormalige functie zich langzaamaan uit het geheugen wist.