share

ANGELO VERMEULEN & TINE HOLVOET

 

° Sint-Niklaas, België 1971

leeft en werkt in Sint-Niklaas en Manilla (Filipijnen)

 

° Oostende, België 1982

leeft en werkt in Brussel (België)

 

Angelo Vermeulen en Tine Holvoet namen deel aan Coup de Ville 2010. Deze tekst verscheen in de catalogus.

 

De installatie First room for MELiSSA blikt op een poëtische manier vooruit op Space ecologies, een artistiek onderzoeksproject over habitat en ruimtevaart dat Angelo Vermeulen en Tine Holvoet samen hebben opgestart. Voor dit gelaagde kunstwerk vonden ze inspiratie in de menselijke drang om te overleven en de nood aan esthetiek en affectie. Vermeulen en Holvoet ontwikkelen er conceptuele verhaallijnen in die verband houden met het MELiSSA-project van de Europese ruimtevaartorganisatie ESA. MELiSSA is een compact artificieel ecosysteem en staat als letterwoord voor: Micro-Ecological Life Support System Alternative. Het is het Europese model voor een regeneratief lifesupportsysteem voor astronauten dat de productie van zuurstof, water en voedsel verzorgt en organisch afval en koolstofdioxide recycleert. ergelijke ecosystemen kunnen langdurig bemande ruimtevaarten mogelijk maken door het zelfstandig overleven van de astronauten te garanderen.

 

Een architecturale installatie met bedsculpturen, valse plafonds, tekst, grafiek en twee kleine planten refereert aan de verwachte ecosystemen in de ruimte. De installatie verwijst ook naar een menselijk en persoonlijk verlangen om gedurende langere tijd in de ruimte te leven - langer dan het huidige record van 14 maanden.

 

First room for MELiSSA brengt op de zolder van een van de oudste gebouwen van Sint-Niklaas, het 16de-eeuwse Walburgkasteel, diverse thema's samen, zoals concepten van lifesupportsystemen, psychologische weerstand, mutatie, verlangen naar design en esthetiek in de ruimte, het gedachtegoed van de kolonisatie en de ontmoeting met het onbekende in nieuw ontdekte werelden. De ruimte zelf wordt op metaforische wijze omgevormd tot een ruimteschip. De ingreep op het plafond met tekst en grafiek verwijst onrechtstreeks naar de taditie van de tromp l'oeilplafondschilderkunst uit de renaissance. In deze schilderijen worden hemelgewelven en architecturale volumes gesuggereerd die het fyieke gebouw omvormen tot een toegang naar grenzeloze ruimte. In First room for MELiSSA wordt een gelijkaardige demarche gemaakt, maar met het verschil dat de suggestie van ruimte eerder onrechtstreeks gebeurt. Voorstellingen van ruimte worden in de verbeelding van de toeschouwer opgeroepen door het experimentele aanwenden van tekst en typografie.